Reactie op het Convenant |
van het Convent van kerkenraden |
| Op woensdag 14 april jl. vond in Hardinxveld-Giessendam een buitengewone classicale vergadering van de classis-Alblasserdam plaats onder het thema 'Verenigd in de nood'. Tijdens deze vergadering werd breed ingegaan op de status van het Convenant. Naar aanleiding daarvan is namens het Convent van kerkenraden het volgende persbericht uitgegaan. |
|
| Op woensdag 14 april verklaarde moderamenlid drs. J. Van Heijst dat het convenant van Alblasserdam een kerkelijke status heeft, niet strijdig is met de kerkorde van de PKN, en dat men zich in de PKN alleen gebonden kan weten aan de gereformeerde belijdenisgeschriften. Kerkenraden en gemeenteleden worden door deze uitlatingen in verwarring gebracht. Zij vragen zich af of het convenant een kerkelijke en principiële weg zou kunnen zijn om mee te gaan naar de PKN. Het convent van kerkenraden acht het zijn roeping om hierin een duidelijk standpunt in te nemen en dat ook uit te dragen. Het convent kan de worsteling van velen begrijpen om al het mogelijke te doen om breuken en scheuren te voorkomen. |
|
| Nochtans meent het convent dat de weg van het convenant principieel niet verantwoord is:
1. Het convenant is nooit op de synode besproken of aangenomen.
2. Het moderamen heeft in de brief van 10 maart aan de classis Alblasserdam zich niet van het convenant gedistantieerd, maar het moderamen heeft evenmin verklaard dat het convenant aanvaard is.
3. Al zou het moderamen zich positief uitspreken over het convenant, dan heeft dat nog geen waarde. Het moderamen schreef op 15 maart in zijn verweerschrift in verband met de bezwaren tegen de op 12 december aanvaarde 'Verklaring' aan de Generale Commissie van bezwaren en geschillen dat een moderamenuitspraak niet verward dient te worden met een synodaal besluit: "Alvorens een reactie te geven op de bezwaren tegen de inhoud en de betekenis van de notitie 'Verbonden met het gereformeerd belijden' en de bijbehorende verklaring, wijst het moderamen erop dat in het aanvullend besluit bij het verenigingsbesluit weliswaar naar de notitie van het moderamen wordt verwezen, maar dat de generale synode over de notitie als zodanig geen besluit heeft genomen. De notitie is geen onderwerp van bespreking geweest (...) De 'Verklaring' maakt derhalve WEL deel uit van de besluitvorming op 12 december 2003 en kan daarmee in deze bezwaarprocedure worden betrokken."
4. Ds. A.W. van der Plas berichtte als preses van het moderamen aan een ambtsbroeder uit een van de Convenant-gemeente dat de synode zelf zich niet over het convenant heeft uitgesproken: 'U kunt dus niet zeggen dat de synode het convenant in zijn geheel heeft aanvaard'. Al eerder had hij aan de betreffende broeder bericht: 'Het convenant heeft geen bijzondere kerkelijke status, behalve dat het in de classis Alblasserdam door kerkenraden is ondertekend'.
5. De opmerkingen van Van Heijst zijn hier strijdig mee. Hij maakt van een brief van het moderamen van de synode waarin het convenant niet uitdrukkelijk wordt verworpen, een kerkelijke status onder het convenant.
6. Het convenant van Alblasserdam is wel strijdig met de kerkorde van de PKN.
7. Als het convenant niet zou strijden met de kerkorde, heeft het geen toegevoegde waarde om het convenant te aanvaarden.
8. Als het convenant niet zou strijden met de kerkorde, lost het convenant niets op. Want de principiële bezwaren in de kerk richten zich tegen de kerkorde.
9. Als het convenant niet strijdig is met de kerkorde, waarom heeft het moderamen van de synode dan aan de classis Alblasserdam gevraagd om de tekst van het convenant aan te passen?
10. In het laatste gesprek dat het Comité tot behoud van de Nederlandse Hervormde Kerk op 26 maart j. heeft gehad met het moderamen van de synode heeft het moderamen uitdrukkelijk de mogelijkheid afgewezen om "alleen" gebonden te zijn aan de gereformeerde belijdenis.
11. Wanneer het Convenant niet zou strijden met de kerkorde, zou er in de 'Verklaring' al hebben gestaan dat men alleen gebonden is aan de gereformeerde belijdenis en dat men niets kerkelijk erkent dat met dit gereformeerde belijden strijdt.
12. Wanneer het Convenant werkelijk kerkelijk wordt aanvaard, moet de kerkorde worden aangepast. En daarvan is geen sprake.
13. Opmerkelijk zijn ook de uitspraken van Van Heijst over de plaats van de kerkenraad. Volgens hem heeft een kerkenraad het laatste woord over het convenant en niet de synode. Dat heeft de synode nooit gezegd tegen kerkenraden die hebben besloten om de nieuwe kerkorde niet te aanvaarden en buiten de PKN te blijven.
14. Van Heijst verklaart dat ord. 4.4.2. niet van toepassing is op het convenant. Daarbij plaatst hij het convenant boven de kerkorde die door classes is geconsidereerd en door de synode is aangenomen. De vraag dringt zich onweerstaanbaar op of Van Heijst al deze woorden wel waar kan maken.
15. Het convenant laat onveranderd dat de door God in ons land geplante Nederlandse Hervormde Kerk zal verdwijnen.
16. Het convenant laat onveranderd dat het alleenrecht van het gereformeerde belijden voor het geheel van de kerk wordt opgegeven. In de PKN geldt dit alleenrecht niet, maar het alleenrecht van de pluraliteit.
17. Wie lid is van de PKN, is geen lid van een convenant-gemeente, maar lid van een PKN gemeente. Wie "ja" uitspreekt bij de heilige doop verklaart niet over de leer van het convenant, maar over de leer van de kerk dat dit de waarachtige en volkomen leer der zaligheid is. Wie openbare geloofsbelijdenis aflegt, treedt in gemeenschap met de belijdenis der vaderen. Deze belijdenis der vaderen zijn niet meer de drie formulieren van eenheid.
18. Kandidaten tot de heilige dienst zeggen geen "ja" op het convenant, maar op de algemene grondslag van de PKN. Dit maakt duidelijk dat de aanvaarding van het convenant geen kerkelijke consequenties heeft. De zogenaamde kerkelijke status van het convenant blijkt hier zonder inhoud te zijn. De vraag kan worden gesteld of men als convenant-gemeente kandidaten wil beroepen die door de PKN-deur naar binnen zijn gekomen.
19. Wie op basis van het convenant in de PKN staat, staat net zo in de PKN als men thans in de Ned. Herv. Kerk op de hervormde grondslag van Schrift en gereformeerde belijdenis onbijbelse leringen en praktijken in een document of beleidsplan zou vastleggen.
20. We dienen ons niet te laten verwarren door convenanten, handreikingen, moties en synodale brieven, maar te blijven kijken naar het geheel van de kerk. In dit verband is een woord van Groen van Prinsterer duidelijk: "Het lidmaatschap van de kerk als zodanig betekent een eerbiediging van het geloof van de kerk." Wij menen dat we geen kerkelijke gemeenschap mogen hebben met het geloof van de PKN. |
|
|
|
|
| Laatst gewijzigd: maandag 19 april - Geplaatst: maandag 19 april |